Ik heb een Reisgenoot fiets laten maken! Ergens wist ik dat het een beetje gek zou gaan voelen, rondrijden met reclame voor mezelf. Maar de fiets staat voor mij ook nog symbool voor iets anders. Voor iets waar ik trots op ben: voor creatief omgaan met m’n mogelijkheden, voor ondernemen en voor duurzaamheid…

Een jaar of 8 geleden werd mijn toenmalige fiets kapot getrapt in Utrecht. Of gejat. Ik weet het niet meer. Utrecht is een geweldige stad voor mensen en een vreselijke stad voor fietsen. Ik was de tel kwijt geraakt. Maar volgens mij had ik een oplossing gevonden. Ik liep de fietsenmaker bij het station binnen en vroeg om de meest simpele, meest degelijke, lelijkste fiets die hij had. Ik kreeg hem.

Ik vond het zelf nog wel meevallen maar de fietsenmaker verzekerde me dat dit een gedrocht was. Voor de zekerheid plakte ik hem vol Burnside stickers en hij stelde niet teleur – in de afgelopen acht jaar had ik er nauwelijks onderhoud aan en werd hij nul keer gestolen.

Ik ben praktisch ingesteld, dus toen ik eenmaal begon op te treden als de Reisgenoot, leek het me handig om waar het kon op de fiets naar optredens te gaan. Een auto kon ik toen niet echt betalen (net m’n vaste baan opgezegd) en ik wilde er eigenlijk ook geen. CO2 is de laatste jaren steeds minder lekker gaan ruiken, dus waar het kon maakte ik liever gebruik van de fiets en de trein. Via het Deventer Songwriters Gilde had en heb ik veel lokale opdrachten, dus ik zette een voordrager met krat op m’n fiets en kocht een versterker die erin paste. Mijn microfoonstatief knoopte ik aan m’n stang. Zo ging ik op pad naar huiskamerconcerten, lokale festivals en kroegen. Alles wat onder de 40 minuten fietsen van mijn huis was. Als ik naar een andere stad moest, nam ik de trein en bracht ik met m’n fiets de versterker en het statief naar het station. Gitaar op mijn rug en gaan! Een solo singer-songwriter heeft het toch een stuk makkelijker dan een drummer.

Toen las ik dat er in Deventer achter het station een fietsenwerkplaats is van Cambio: Verhip mijn fiets. Daar maken mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt een nieuwe fiets met je oude frame. Hoe tof is dat? Mijn tweewieler begon hier en daar wel wat te rammelen dus het leek me wel wat. Het kon ook nog eens in m’n bedrijfskleuren, zodat ik mijn fijne fel gekleurde website een beetje mee kon nemen onder mijn zadel. Zo begon het avontuur waarin mijn oerdegelijke “gedrocht” omgevormd zou worden tot een felgekleurde, gerecyclede Reisgenoot bolide. Een koning onder de fietsen.

Ik vroeg of ze naast mijn frame de rest ook zo veel mogelijk andere onderdelen konden hergebruiken. Zadel, wielen, spatborden, verlichting. Alles dat het nog goed deed hoefde niet weg. Ik wilde mijn nieuwe fiets zo duurzaam mogelijk. Dat kon – alleen het noodzakelijke zou vervangen worden. De trapas, de ketting, dat soort dingen. Na lang wikken, wegen en tekenen kwam ik met dit soort plaatjes bij Cambio aan.

Samen met Rogier koos ik de beste optie en daarna ging mijn frame ging naar de coater. Zodra hij terug kwam zouden ze de fiets weer in elkaar gaan zetten. Spannend!

Er verstreek een week of twee. *Bzzzt* – een appje.
“Ze zijn bij de coater met een heftruck over je frame heengereden.”
“Wat?!”

Het was echt waar – hoe het had kunnen gebeuren was onduidelijk, maar daar ging mijn wens voor een gerecyclede fiets. Gelukkig waren ze bij Cambio niet voor een gat te vangen en regelden ze een ander tweedehands frame voor me, wat ook nog eens heel erg leek om mijn oude frame. “Ik durf te zeggen dat ze uit dezelfde fabriek komen én even sterk zijn”, zei Rogier van Verhip mijn fiets. Cool, oké, we gaan door.

Het nieuwe frame werd gespoten en daarna bouwden ze de fiets weer op. Met mijn oude zadel, verlichting en spatborden. ik kreeg af en toe een foto van de voortgang en het zag er echt superstrak uit. Ik ontwierp een bordje voor aan de stang. Ik bracht het naar Cambio en kon alvast even kijken naar mijn Reisgenoot fiets in wording.

Ergens wist ik dat het een beetje gek zou gaan voelen, rondrijden met reclame voor mezelf. Maar de fiets staat voor mij ook nog symbool voor iets anders. Voor iets waar ik trots op ben: voor creatief omgaan met m’n mogelijkheden. Voor ondernemen en voor duurzaamheid. Toen ik een jaar of vijftien was wilde ik nooit een auto. Ik kon maar niet begrijpen dat mensen in die stinkende, milieuvervuilende koekblikken moesten rijden. Maar bij m’n eerste vaste baan kocht ik er gelijk een, omdat ik er anders bijna niet kon komen. Natuurlijk zorgde dat voor meer (terecht!) begrip voor de mensen die ik in m’n jeugdige overmoed zo hard had veroordeeld, maar ik was toch ook een beetje teleurgesteld in mezelf. Zo makkelijk gooide ik dus een idee overboord.

Toen ik fulltime zzp’ende songwriter werd, en eigenlijk meer het leven ging leiden dat ik wilde, deed ik ook de auto weg. Hij hoorde voor mij bij de sleur die mijn toenmalige baan met zich mee had gebracht. Mijn nieuwe fiets hoort bij wat ik nu doe: mezelf laten zien, creatief, kleurrijk én praktisch 😉

Met dank aan Cambio.

Reacties staan uit voor dit bericht.